Jonge kinderen, baby’s en dreumesen, gedragen zich vaak alsof zij alleen zijn op de wereld. Zien zij een mooi stuk speelgoed maar zit het in de handen van een ander kind? Ongegeneerd pakken zij het gewoon. Is het kind aan het kruipen maar ligt er een ander kind in de weg, alsof het een gewoon obstakel is kruipen zij over het kind heen.

Zien zij mooie krullen bij het kind naast hen, ze pakken het en voelen en trekken en ontdekken zo wat ze in de handen hebben…. Jonge kinderen zijn egocentrisch. Zij hebben nog geen idee dat anderen om hen heen gevoel hebben, ook mens zijn zoals zij. En als zij dat eenmaal doorkrijgen hebben zij nog niet voldoende verbaal vermogen om één en ander kenbaar te maken. Empathie ontstaat rond de peuterleeftijd. En hun taalontwikkeling is voldoende op niveau om zich ook verbaal te uiten als zij ongeveer 4 jaar oud zijn. Natuurlijk leren zij vanaf het begin af aan wel wat de bedoeling is….. van ons!

De volwassenen om het kind heen zijn het model. Leren doen zij grotendeels door nabootsing. Begroeten doe je door elkaar een hand te geven, of een ellenboog in deze tijd. Als iemand verdriet heeft mag je hem troosten, als je iets verkeerd hebt gedaan zeg je ‘sorry’. Dus, een jong kind dat nog geheel zijn eigen leven leidt is niet egoïstisch maar egocentrisch en dat gaat geheel onbewust.

Het ontwaken uit die egocentrische fase gaat vanzelf, van onbewust naar bewust. Maar welk voorbeeld het daarbij krijgt is aan ons! Maria Montessori noemt het wellevendheid. Oftewel, sociale omgangsvormen. Een belangrijk onderdeel van de Montessorivisie.

Anneliese Tacke-Jansen, Montessori Coach

DutchEnglishFrenchGerman
Top