
Pedagogisch professional BSO- Arnhem Sonsbeek
19 januari 2026Wanneer kun je een baby het beste naar de kinderopvang brengen?
Het antwoord hierop is breder dan alleen een praktische planning. Het gaat over hechting, rust, ontwikkeling én de realiteit van werk en leven. Er bestaat geen juist tijdstip dat voor elk kind klopt, maar er zijn wel factoren die helpen om een doordachte keuze te maken.
De eerste drie maanden staan vooral in het teken van rust en hechting.
In de eerste levensfase draait alles om voorspelbaarheid en nabijheid. Baby’s leren nog maar net hoe hun wereld werkt: warmte, melk, slaap, veiligheid. Overstappen naar een opvangomgeving vraagt prikkels en aanpassing, iets waar veel baby’s in deze periode nog weinig capaciteit voor hebben. Daarom kiezen veel ouders ervoor de eerste drie maanden thuis te houden, als dat praktisch haalbaar is.
Tussen 3 en 6 maanden: vaak de meest soepele overgang
Dit is een periode waarin baby’s al iets steviger in hun vel zitten. Ze hebben een duidelijker dag-nachtritme, kunnen beter communiceren via geluid en gezichtsuitdrukking en hebben net genoeg flexibiliteit om zich aan te passen aan een nieuwe omgeving. Pedagogisch professionals geven vaak aan dat instromen in deze leeftijdsgroep opvallend soepel gaat: baby’s zijn ontvankelijk zonder al te veel verlatingsangst.
Vanaf 6 tot 12 maanden: prima, maar verlatingsangst kan meespelen
Rond 8–12 maanden komt een bekende mijlpaal: verlatingsangst. Baby’s begrijpen ineens dat jij iemand anders bent dan zijzelf, en dat je weg kunt gaan. Een start op de opvang in deze periode kan zeker goed gaan, maar kan meer tijd vragen van baby’s met verlatingsangst. Niet problematisch, wel iets om bij stil te staan.




